Van der Poel wordt wereldkampioen volgens Sven Vanthourenhout !!

Bondscoach Sven Vanthourenhout haalt zijn glazen bol boven na de terugkeer van de crossers uit Amerika

De openingswedstrijd van het Belgische wielerseizoen mocht dan al naar Eeklo zijn gegaan, het circus in België is zich nu pas helemaal op gang aan het trekken. Zo was een flink deel van het deelnemersveld van de Polderscross recent nog actief in de Verenigde Staten. Het geknipte moment dus om Belgisch bondscoach Sven Vanthourenhout aan het woord te laten over wat er de komende maanden allemaal staat te gebeuren.

De twee Amerikaanse Wereldbekermanches hebben het zonder de aanwezigheid van Sven Vanthourenhout moeten stellen. De bondscoach van de veldrijders is net terug uit Yorkshire. Op de wereldkampioenschappen op de weg was hij als assistent van Rik Verbrugghe aan de slag, voornamelijk met de Belgische beloften. Maar ook bij hem gaat het vizier vanaf nu resoluut richting veldrijden. Meer nog, in een vooruitzicht op het seizoen neemt de West-Vlaming geen blad voor de mond. “Door de afwezigheid van Wout en de rustperiode van Mathieu belooft het de komende weken echt spannend te worden.”

“Kunnen we het veldritseizoen in drie stukken onderverdelen? Een periode zonder van der Poel, een tijdsspanne mét Mathieu en tenslotte de mogelijke terugkeer van Wout van Aert?”

Sven Vanthourenhout: “Voor een stuk heb je gelijk. Al blijft het natuurlijk af te wachten a) wanneer van Aert terugkomt en b) op welk niveau dat zal zijn. Ik ben er wel van overtuigd dat van der Poel meteen weer dominant zal zijn en de rest meteen weer overklast als hij terugkeert in het veldrijden. Wat van Aert betreft: er is heel veel revalidatie nodig vooraleer hij na zijn val in de Tour weer competitief zal zijn. Ik zie hem wel meedoen aan een aantal veldritten, dat wel. Maar ik denk wel dat de focus zelfs dan in eerste instantie zal liggen op de voorbereiding van zijn wegseizoen. Ik weet niet of hij specifiek een doel zal maken van topprestaties in het crossen, ik veronderstel dat die veldritten een plaats zullen krijgen in de opbouw naar het klassieke voorjaar. Pas op, zelfs in die omstandigheden zou het wel eens kunnen dat hij verrassend uit de hoek komt. Wout van Aert is iemand die zelfs op 80 à 90 procent van zijn kunnen een hoofdrol kan vervullen in een veldrit. Van winnen spreek ik nog niet, nee. Want iedereen – ook Wout zelf – weet dat hij 100 procent in orde moet zijn om te kunnen rivaliseren met Mathieu van der Poel. En dat zie ik komende winter niet echt gebeuren, al hoop ik natuurlijk dat ik ongelijk krijg. Er gaat gewoon te veel werk vooraf om in het crossen op dat niveau te kunnen komen.”

“Ik acht het mogelijk dat Wout en Mathieu hun crossprogramma in de toekomst zullen beperken tot 15 à 20 veldritten. Maar helemaal verdwijnen uit de cross, dat zie ik niet gebeuren.”

In het verlengstuk van je veronderstelling… Zou het kunnen dat dit dan – zij het door omstandigheden – een afscheid is van Wout van Aert als topcrosser? Met andere woorden: dat hij veldritten voortaan niet langer als een specifiek doel beschouwt, maar louter als bouwstenen in de opbouw van zijn conditie als wegrenner?

“Ik begrijp wat je wilt bedoelen. Maar ik denk van niet. Het is niet omdat ik bondscoach ben dat ik hem wil blijven opeisen als veldrijder. Ik hoop uit de grond van mijn hart dat hij een mooie carrière uitbouwt, in welke discipline ook. Maar ik ben er tegelijk zeker van dat wat hij altijd gedaan heeft in het crossen hem tot de wegrenner gemaakt heeft die hij nu is. Ik denk dat zowel Wout als Mathieu dat goed genoeg beseffen, en dat ze dat bij hun respectievelijke ploegen ook begrepen hebben. Het enige verschil met het verleden zal allicht zijn dat beide renners niet langer 30 of 35 crossen in hun programma zullen opnemen. Op termijn zal dat herleid worden naar 15, maximum 20. Wat in principe nog altijd mooi zou zijn voor de veldritsport. Ik zie het die kant uitgaan, echt. In een definitief afscheid geloof ik niet.”

“In het damesveldrijden zie je dat al langer. Marianne Vos, Lucinda Brand, Jolanda Neff, Pauline Ferrand-Prévot: toppers uit andere disciplines zakken af naar de cross ergens in december en beginnen daar meteen mee eerste viool te spelen.”

“Ik weet niet of van Aert en van der Poel zo lang zullen wachten. Daarvoor crossen ze allebei te graag. Eerlijk gezegd zie ik ze in de toekomst ergens in november ‘instappen’. Maar, tegelijk, dat hangt natuurlijk ook van hun programma af. Als er ergens een wereldkampioenschap op de weg op stapel staat waarvan het parcours hen zint, loopt die terugkeer in het veld logisch gezien vertraging op. Maar zelfs dan acht ik ze nog in staat om mee te doen voor de wereldtitel, hoor. Vos, Brand en Ferrand-Prévot zijn tenslotte ook al wereldkampioen veldrijden geweest na een relatief korte voorbereidingsperiode.”

“Dat de twee toppers geen volledig klassement afwerken is een trendbreuk.”

Het heeft allemaal wel één opmerkelijk gevolg: voor het eerst in tijden werken de twee toppers geen volledig klassement af.

“Dat is een trendbreuk. Maar het is logisch dat die jongens keuzes maken. Ze hebben nu eenmaal de capaciteiten dat ze in diverse disciplines een hoofdrol kunnen vervullen. Als Wout van Aert ritten kan winnen in de Ronde van Frankrijk, wie kan hem dan kwalijk nemen dat hij de schaar zet in zijn programma als veldrijder?”

Veldrijden is natuurlijk méér dan Wout en Mathieu. Gaan we de komende weken in hun afwezigheid steeds wisselende winnaars krijgen, denk je? Of neemt er één iemand de boel gewoon – misschien tijdelijk – over?

“Op basis van wat we tot dusver gezien hebben bestaat de kans dat we verschillende winnaars zullen hebben. Zo is het erg leuk te merken hoe vlot Eli Iserbyt de stap naar het hoogste niveau heeft kunnen zetten. Eén ding lijkt me zeker: het wordt de komende tijd spannender in het veldrijden. Er zal meer onderlinge strijd zijn, er zal tactischer gereden worden, nogal wat renners zullen gaan geloven dat ze nu ook kans zullen maken op winst. Al zullen ze onvermijdelijk telkens worden geconfronteerd met de opmerking dat ze alleen maar hebben kunnen winnen door het feit dat die twee tenoren er niet bij waren. Het zal een tijdje duren voor die reflex zal slijten, vrees ik. Maar op termijn gaat dat er wel uit, veronderstel ik.”

“Het benieuwt me of Toon Aerts na zijn fantastische seizoen van vorig jaar zal kunnen bevestigen op dat niveau.”

Laurens Sweeck begon met winst. Iserbyt scoorde twee keer in de Verenigde Staten. Toon Aerts blijft een vaste waarde. Zie jij nog nieuwe namen opduiken aan de top? Quinten Hermans, bijvoorbeeld?

“Dat zou eigenlijk moeten, ja. Ik weet dat Quinten een heel grote motor heeft. En in principe zou hij in staat moeten zijn om een hoofdrol te gaan vervullen, elke week opnieuw. Minstens bij de beste vijf, beter nog bij de beste drie. Maar echt nieuwe namen zie ik verder niet opduiken, hoor. We gaan ook deze winter verder met de renners die al een tijdje opgang aan het maken zijn. Ook van Daan Soete verwacht ik wel wat, de komende maanden. Wat Toon Aerts betreft: iedereen kent zijn kwaliteiten. Hij werkte vorig jaar een fantastisch seizoen af. Dus rijst de vraag of hij de komende maanden kan bevestigen. Want al die zeges, al die podiumplaatsen herhalen: vanzelfsprekend wordt dat niet. De Wereldbeker winnen, Belgisch kampioen worden, een medaille halen op het WK: dat is gewoon uniek. Hoe hij met die druk zal omgaan, dat benieuwt me. Al blijf ik ervan overtuigd dat hij een pure crosser is, iemand die absoluut het maximum uit zijn carrière zal halen.”

Zie jij bij de niet-Nederlandse crossers verrassende namen opduiken?

“Niet meteen, nee. We moeten er eerlijk in zijn: veldrijden blijft bij de mannen een voornamelijk Belgisch-Nederlandse sport. En zo lang dat niet verandert vrees ik voor de internationalisering van deze discipline. Het mangelt ons aan buitenlandse renners met uitstraling.”

“Bij de Belgische mannen is het weelde. Bij de vrouwen mag het méér zijn.”

Heb je al een antwoord gevonden op de vraag waarom dat bij de vrouwen wél lukt? Daar staan maar één of twee Belgische vlaggetjes bij de beste tien in de uitslag.

“(Lacht) Bij de vrouwen mag het aan Belgische kant zelfs iets méér zijn. Ik heb er geen echte verklaring voor. Ook opmerkelijk: bij de dames zie je renners die uit andere disciplines als mountainbike en wegwielrennen komen meteen aansluiten bij de top. Dat lukt bij de mannen om één of andere reden gewoon niet. Want mountainbiketoppers als Hermida, Absalon en Schurter hebben heus wel geprobeerd, echt. En dat heeft echt niet te maken met het feit dat het algemene niveau bij de vrouwen lager is. Want dat is de laatste jaren echt torenhoog geworden. Een dikke pluim dus voor Sanne Cant. Die was er tien jaar geleden ook al bij, en zij heeft enorme vorderingen moeten maken om aan de top te kunnen blijven. Als je ziet hoe ze vorig seizoen in Bogense wereldkampioene werd, dat was van een niveau dat ik zelden heb gezien in het veldrijden. Maar jammer genoeg lijkt er voor haar niet meteen een opvolgster in zicht.”

“We zouden er beter aan doen werk te maken van het opnieuw introduceren van topveldritten in Europa, in plaats van uit te wijken naar de Verenigde Staten.”

Hoe kijk jij eigenlijk tegen de Amerikaanse campagne aan die de renners net achter de rug hebben?

“Met gemengde gevoelens. Een paar jaar geleden vond ik dat een goeie zaak, in het kader van de internationalisering van de veldritsport. Maar dan ga je na een poosje toch merken dat het niet écht aanslaat, daar in de Verenigde Staten. De pelotons worden kleiner, steeds minder renners maken de oversteek. En dan kom je, zoals nu, op een moment dat er in de beide elitecategorieën gekoerst wordt zonder wereldkampioen aan de start. Voor de organisatoren is dat geen prettige vaststelling. In het geval van van der Poel kan je dat natuurlijk begrijpen, die zat met het WK op de weg in zijn achterhoofd. Maar Sanne Cant heeft het een paar jaar echt geprobeerd, ginder gaan crossen, maar ze houdt het nu toch ook voor gezien. Ik krijg van langsom meer het gevoel dat we met zijn allen een stap hebben overgeslagen. In plaats van te kiezen voor een Amerikaans avontuur hadden we beter aan monumentenzorg gedaan. Weer te gaan opbouwen wat verdwenen is. Wetzikon in Zwitserland, Igorre in Spanje, Milaan in Italië. Dát zou het eerste werk moeten zijn.”

Haal je glazen bol eens boven…Wie wordt Europees kampioen?

“Mathieu van der Poel.”

Wie wordt Belgisch kampioen op de Antwerpse Linkeroever op 12 januari?

“Michael Vanthourenhout.”

Wie wordt wereldkampioen?

“Mathieu van der Poel.”